2011

TRAPPISTENTOER


Dag 13: zaterdag 24 september 2011 - Ieper-Wondelgem

B&B Fresco biedt een stevig ontbijt aan als basis om onze laatste rit te starten. Zoals gisteren ademt de omgeving geschiedenis. Het Ieperleekanaal houden we aan onze rechterhand. In de vorige eeuw werd het kanaal druk bevaren, in de sluis van Boezinge werden er in 1842 nog 2034 schepen versast. De eerste wereldoorlog was een grote spelbreker, het kanaal lag midden de vuurlinies tijdens de tweede slag om Ieper en alle kunstwerken zijn in die periode grondig vernield. Het duurde tot 1933 voor een eerste schip, de ‘Julia’, door het herstelde kanaal tot Ieper kon varen.

De oorlog heeft in deze regio verschrikkelijk diepe wonden geslagen: meer dan één miljoen vermisten, gekwetsten of doden.

Een overzicht:

In de Eerste Wereldoorlog zijn er 4 slagen geweest bij Ieper:

  • Eerste Slag om Ieper (19 oktober – 22 november 1914)

Op 21 oktober vallen de Duitsers voor het eerst de stellingen van de Fransen en Engelsen aan ter hoogte van de lijn Poelkapelle - Zonnebeke. Na verschillende vruchteloze pogingen (waaronder met het Duitse 16e Beierse reserve-infanterieregiment, waarbij Adolf Hitler diende) besluit het Duitse oppercommando de aanval te staken.

De verliezen: 58.000 Fransen, 50.000 Engelsen en 100.000 Duitsers gesneuveld, vermist of gewond.

  • Tweede Slag om Ieper (22 april - 15 mei 1915)

Op 17 april 1915 lieten de Britten en de Fransen zware mijnladingen ontploffen onder de Duitse stellingen op Hill 60 die sinds 10 december 1914 in de handen was van de Duitsers. Na de inname werden ze geconfronteerd met eigenaardige gassen in rare cylinders welke ze negeerden. In de buurt van Steenstrate (nabij Houthulst) werden op 22 april 1915 Frans-Algerijnse troepen bestookt met granaten en een geelgroene nevel. De Duitsers hadden 5730 gasflessen met chloorgas opengedraaid. De Franse troepen verloren honderden strijders. De Canadezen die ter hulp snelden om de bres te dichten in het front kwamen ook in de gaswolken terecht en verloren meer dan 2000 manschappen. Gelukkig hadden de Duitsers een mogelijk succes onderschat en faalden ze in de uitbating ervan. De Britten dienden Hill 60 terug uit handen geven na de volgende tegenaanvallen. Het offensief valt op stil op 25 mei 1915.

De verliezen: 58.000 Britten, 10.000 Fransen en 100.000 Duitsers gesneuveld, vermist of gewond.

    • Derde Slag om Ieper of de Slag om Passendale (31 juli – 6 november 1917)

    De Britse veldmaarschalk sir Douglas Haig trachtte de Duitsers de genadestoot toe te brengen met een allesbeslissende laatste veldslag. Zijn plan: langs de kust oprukken richting Oostende en Zeebrugge. Voor het eerst werd op grote schaal tanks ingezet (216 Mark IV-tanks). De eerste dag zijn de weersomstandigheden barslecht en de troepen vorderden nergens noemenswaardig door de modder. De Fransen deden niet mee, hun moraal was gebroken door het mislukte voorjaarsoffensief van generaal Nivelle waardoor de Britten het aan slagkracht ontbrak. De gevechten hadden plaats in de verschrikkelijkste omstandigheden.

    De verliezen: 150.000 Britten & Australiërs en 120.000 Duitsers gesneuveld, vermist of gewond.

    • Vierde Slag om Ieper of de Leieslag (9 -29 april 1918)

    Als oefening voor het Duits lenteoffensief dat gepland wordt op Loos-Armentiers door de 1e Beierse Reservedivisie leek het de Duitsers nuttig Diksmuide aan te vallen.

    's Morgens vroeg op 9 april, rond 03:00 uur waren de Duitsers klaar voor de aanval. 45 minuten later openden ze het vuur en schoten ze tot 05:00 uur gasgranaten naar de overzijde. Op 12 april 1918 sloegen de Duitsers een bres in de Britse linie van ongeveer 48 km, ten zuidwesten van Ieper, nabij Hazebroek. Materiaalgebrek speelde de Duitsers parten en het offensief kwam tot stilstand. De Duitse generaal Erich Ludendorff gaf op 29 april 1918 het bevel het offensief op het westfront te staken. Na enkele offensieven aan de Marne in Frankrijk is het duidelijk dat de Duitsers aan de verliezende hand zijn.

    De verliezen: 260.000 geallieerden en 240.000 Duitsers gesneuveld, vermist of gewond. Het lenteoffensief gaat de geschiedenis in als de 'Kaiserschlacht’.

    Ter hoogte van het nieuwe industrieterrein steken we de Ieperlee over om een bezoek te brengen aan de Yorkshire Trench & Dug-Out (ondergrondse schuilplaats). De Yorkshire Trench ontstond in 1915 na de gevechten die volgden op de eerste gasaanval (22 april 1915). Tijdens de oorlog werd hij meermaals aangepast.

    Hij werd bij toeval ontdekt in 1992 en het hele nieuwe industriegebied werd daarna systematisch onderzocht door het archeologische team van De Diggers. Zo werden ondermeer 155 soldatenlichamen (andere bronnen spreken van 205) geborgen en een laatste rustplaats gegeven op één van de Britse, Franse of Duitse begraafplaatsen.

    De stad verwierf een klein perceel ter hoogte van de dug-out. Het grondplan van de onderaardse dug-out wordt bovengronds weergegeven en panelen geven uitleg over de site. De loopgraaf werd gerestaureerd zoals hij er uitzag in 1917 en is vrij toegankelijk voor het publiek.

    Vanaf Boezinge loopt een onverhard fietspad over de vroeger spoorlijn 63 tot in Kortemark. We nemen soms de tijd om hier en daar een blik te werpen op de talloze monumenten links en rechts van het pad die de herinnering aan de Groten Oorlog levend houden:

    • the Artillery Wood Cemetery (1307 geïdentificeerde en niet-geïdentificeerde slachtoffers)
    • gedenksteen Francis Ledwige (Iers dichter omgekomen tijdens een bombardement)
    • Carrefour des Roses (gedenkstenen voor de 'Pépères' en de 45ste Algerijnse divisie die hier massaal het slachtoffer werden van de eerste gasaanval)
    • Dragoon Camp Cemetery (66 slachtoffers)
    • Ziegler Bunker (door het Duitse "Marinekorps" geconstrueerde bunker, onder leiding van de ingenieur Ziegler)
    • ...

    Dit alles op een oppervlakte zo groot als de spreekwoordelijke zakdoek. Iedere morzel grond heeft hier zijn verhaal en het is onbegonnen werk om alle gedenkstenen uitgebreid te bezoeken. Misschien levert het wel een rode lijn op voor een volgende thematoer.

    Het fietspad kruist ook Langemark alwaar één van de vier Duitse militaire begraafplaatsen in België gelegen is. Meer dan 40.000 Duitse wel- of niet geïdentificeerde militairen hebben hier hun laatste rustplaats. Aan de achterzijde van het massagraf werd de beeldengroep van E. Krieger, de sobere uitbeelding van 4 treurende militairen geplaatst. Zelfs als je er vijf kilometer dient voor om te rijden is een bezoek een aanrader.

    In totaal sneuvelden ongeveer 9.448.000 militairen over de gehele wereld tijdens WO I waarvan 40.000 Belgische: ongeveer 1/3 stierf tijdens de eerste oorlogsmaanden, ongeveer 1/3 tijdens de IJzerslag en de stellingenoorlog aan de IJzer en 1/3 tijdens het bevrijdingsoffensief. Op een totaal van 267.000 gemobiliseerden Belgen is dat 15%. 

    Vanaf Torhout gaat het ongemerkt vlotter en vlotter, paarden en hun stal... Binnen anderhalf uur zijn we thuis!

    In Aalter rijdt een oudere dame met haar wagen achteruit de openbare weg op waarbij ze de volledige rijbaan kruist, alle waakzaamheid voor aanwezige weggebruikers aan haar laars lappend. Ondanks mijn klingelende bel rijdt ze me zowat ondersteboven en tellen later bekijk ik de opgelopen schade: een geschaafde knie en krassen op de fiets. Ze maakt aanstalten om door te rijden maar Michel maakt haar het incident diets. Op de koop toe beweert de dame terstond dat ik te snel reed, ze voorrang had omdat ze met de wagen reed en dat ik uit mijn 'doppen' moet kijken. Tussenkomst van een objectieve partij dringt zich op en de bijgeroepen politie doet de nodige vaststellingen. Een agent neemt ons een alcoholtest af (standaardprocedure) wat de hoog bejaarde bestuurster enige verontwaardigde uitlatingen ontlokt. Ook vangen onze oren de verwensing 'wielerterroristen' op uit haar richting. Zal wel, met 45 kg fiets. De politie nemen de verklaringen op en doen de nodige vaststellingen, ze werken efficiënt en zijn zeer voorkomend. De knie stijft ondertussen op en bewegen wordt pijnlijk maar vermoedelijk is dat tijdelijk, hopelijk zal het bij een schram blijven. De losse schatting dat de bestuurster en haar begeleidster samen 175 jaren oud blijkt wonderbaarlijk te kloppen waarmee de stelling dat ze haar rijbewijs gratis bijgeleverd kreeg samen met haar eerste autootje (een Ford-T model 1908 vrees ik) onderschreven wordt (een maand later zal ze haar fout betwisten en weigeren toestemming te verlenen aan haar verzekeringmaatschappij om de schadevergoeding uit te keren waardoor een rechtsprocedure onvermijdelijk is).

    Na een oponthoud van meer dan een uur worden de laatste kilometers afgehaspeld in recordtempo. 

    De teller stopt uiteindelijk op 1148,78 kilometer, 7842 meter hoogtewinst, 28 geproefde trappisten, 11 B&B's, twee ongevallen zonder veel erg, 0 (NUL) platte banden en twee zitvlakken die hoognodig aan rust toe zijn.


    Geproefde bieren vandaag:


    • Westvleteren Abt (11,5% alcohol, thuis)
    • Westvleteren Abt Blauw (8% alcohol, thuis)