2011

TRAPPISTENTOER


Dag 10: woensdag 22 september 2011 - Walcourt-Hergnies


De koninginnerit vandaag! De dag begint met een crisis: de GSM van Michel is verdwenen. Tot driemaal toe onderzoekt hij zijn bagage minutieus maar hij is verdwenen. Hem laten rinkelen via een ander toestel is geen optie aangezien Michel zijn GSM 's nachts uit legt. We pijnigen onze hersenen waar het toestel voetjes zou kunnen gekregen hebben maar afgezien van een laatste gebruik gisterenavond hebben we geen enkel aanknopingspunt. Het lichtjes overmatig drankgebruik in herberg 'La Croix Blanche' gisteren was niet van die aard dat het zoveel hersencellen vernietigde dat we niet meer wisten wat we deden. We tasten in het duister en er zit niets anders op dan klacht in te dienen bij de politie. Ondertussen bezoek ik de plaatselijke pillendraaier die mij zonder discussie een partij Ibuprofene 600 meegeeft zonder voorschrift. Het gemartelde zitvlak heeft duidelijk invloed op mijn gelaatsuitdukking en medelijden staat op de apotheker zijn aangezicht af te lezen. Gelukkig moet ik mijn zitvlak niet laten zien of hij stuurde mij terstond naar de plaatselijke 'abattoir' (het slachthuis in opgepoetst Nederlands).

Met vertraging starten we de dagtrip maar de stemming zit er uiteraard niet in. Je GSM verliezen is nooit leuk maar als je zo ver van huis zit is het extra pijnlijk. Een ongeluk komt nooit alleen. Tot overmaat van ramp slaag ik erin om een verkeerde afslag te nemen waardoor over een afstand van 450 meter 50 meter moet geklommen worden met uitschieters tot 20% stijgingspercentage om op de top vast te stellen dat we een hondertal meter parallel van het juiste parcours zitten. Een aanpassing van het parcours zit er niet in en er rest mij niks anders dan met rode kaken Michel uitgebreid te feliciteren voor zijn inspanning en terug te keren. Op wat tandengeknars na is de stilte is oorverdovend maar aan zijn gelaatsuitdrukking te zien wenst hij mij ongetwijfeld een extra fietszadel in gewapend beton, liefst met het betonijzer blootliggend. Fontenelle, Castillon, Viscourt en Donstiennes schuiven voorbij in dezelfde zwijgzame sfeer maar in Thuillies is de communicatie hersteld.

In Thuillies kunnen we de RAVeL 109 volgen die we moeten delen met de toeristische museumtramlijn. Tussen Thuin en Thuillies werd de oude spoorwegbedding getransformeerd tot een unieke, prachtige tramlijn voor gepensioneerde trams. Als fietser kan je genieten van de ongerepte natuur in het 'Bois de Grand Bon Dieu' en 'La Biesmelle', een riviertje dat vervlochten ligt in het traject. Het trammuseum van de ASVi (Association pour la Sauvegarde du Vicinal) bevindt zich in Thuin in de provincie Henegouwen. De collectie museumtrams bestaat vooral uit smalspoormaterieel afkomstig van de NMVB/SNCV. De meeste trams hebben vroeger gereden op het uitgebreide tramnet van de buurtspoorwegen in de omgeving van Charleroi.

Tijd om me nog eens te vergissen en in plaats van de brug over de Samber op te rijden verzeilen we op het kerkhof van Thuin, zonder hellingen gelukkig.

Via de oever van de Samber vervolgen we onze weg naar het oosten om de vallei uit te fietsen ter hoogte van Sars-la-Buissière. Een dorp in het grote niets dat nooit of te nimmer bekend zou geraakt zijn mocht er niet ene Dutroux geweest zijn.

Tussen Vellereille-les-Brayeux en Estinnes-au-Val ligt de abdij 'Bonne-Esperance', een Norbertijnenabdij. De Ordo Canonici Regularis Praemonstratensis of voor normale mensen: 'de norbertijnen', is een kloosterorde van reguliere kanunniken van de Orde van Prémontré. Belangrijke orde want ze zijn ook de kunst van het brouwen machtig.

Het allereerste bier van de Abbaye de Bonne-Espérance werd in 1970 gebrouwen. Het bier wordt niet in de abdij zelf gebrouwen maar bij de brouwerij Lefebvre in Quenast (Waals-Brabant) in de Zennevallei. Niet de eerste de beste! Ze zijn o.a. bekend voor hun 'Barbãr', een blond bier met honing en hun brouwlicentie voor de abdij van Floreffe. Voor de abdij de Bonne-Espérance brouwen ze de 'Abbaye de Bonne-Espérance' bruin en blond van 6,3% en de 'Abbaye de Bonne-Espérance Blonde légèrement ambrée' welke 7,8% alcohol bevat.

De oude liften worden jammer genoeg enkel nog voor de pleziervaart gebruikt sinds de ingebruikname van de scheepslift van Strépy-Thieu.

Dat laatste kunstwerk, gecreëerd om het scheepstonnage gevoelig te laten toenemen, heeft de twijfelachtige eer om op de internationale lijst 'Grands travaux inutiles' voor te komen onder het hoofdstuk 'Functioneert wel, maar het nut is niet of nauwelijks bewezen'.

Na beëindiging van de werken was de zware industrie in de regio zowat gedecimeerd en de steenkoolmijnen gesloten waardoor het scheepsverkeer op apegapen lag.

De oorspronkelijke plannen dateerden dan ook van de jaren vijftig, de bouw zelf duurde 20 jaren en de kosten verviervoudigden.

Aan het voorportaal van de abdij eten we onze boterhammetjes op, een wandeling in de kleurrijke omgeving zou leuk zijn maar we zitten een beetje in tijdnood.

Het Canal du Centre wacht op ons. Vooral de scheepsliften op dit kanaal genieten onze interesse. De vier hydraulische scheepsliften op de waterweg tussen de Maas en de Schelde, het zogenaamde Centrumkanaal, werden ontworpen door Edwin Clark en werden gebouwd tussen 1888 en 1917. Samen overbruggen ze een verval van zo'n 68 meter.

De scheepsliften zijn dubbel uitgevoerd en zijn hydraulisch met elkaar verbonden, waarbij het gewicht van de ene bak het gewicht van de andere compenseert. Inmiddels zijn de 4 liften toegevoegd aan de Werelderfgoedlijst van de UNESCO.

Michel houdt van jaagpaden en de rust van het kabbelende water naast zich. Vandaag wordt hij op zijn wenken bediend. Vanaf de lift volgen we het Centrumkanaal over een afstand van 50 kilometer over de RAVeL 1 die heel trouw het kanaal geen centimeter loslaat. De enige spelbreker: de felle wind pal op kop. Na een half uur hebben we ons besluit al vast: de RAVeL 1 is het meest saaie fietspad in België waarbij je langzaam in slaap gewiegd wordt door het eentonige klik-klak van de oneffen 5 meter lange betonplaten. Dit stuk wordt bij een tweede iditie van de Trappistentoer onverbiddelijk geschrapt. Nog liever vijftig hellingen met onooglijke lege dorpen en starende koeien dan dit onding.

In Nimy verlaten we het Centrumkanaal voor het kanaal Nimy-Blaton. Van hetzelfde laken een broek noemen ze dat. De bruin-grijze meerpalen rijgen zich aan elkaar tot een eindeloze ketting.

Als er na eindeloos veel kilometers een café opdoemt is overleg overbodig. Een tweetal koele cola's later vertellen we de waard ons voornemen om vandaag door te rijden naar Hergnies via Perulwez. De waard draait zijn ogen naar de hemel en waarschuwt ons voor de halsafsnijders, struikrovers en nog meer van dat fraais in Peruwelz. We zijn niet onder de indruk, na het geestdodende geworstel tegen de wind over een ellenlange kaarsrecht betonnen fietspad met de uitstraling van een... stuk grijs beton klinkt het bijna aantrekkelijk.

Het centrum van Peruwelz doen we niet aan maar in de periiferie ervan zoeken we een eetgelegenheid. 'La Bella Vita', een pizzeria is de uiterkorenen en met zo'n naam ook heel toepasselijk. Een woordenwisseling tussen voor- en hoofdgerecht ons maakt duidelijk dat we flirten met onze fysieke grenzen, we zijn vermoeid en de opeenvolging van fietsdagen maakt ons lichtgeraakt en knorrig. Zoals het vrienden betaamt is gelukkig alles bijgelegd voor het nagerecht op tafel verschijnt.

Het begint lichtjes te duisteren als we de eetgelegenheid verlaten om de laatste drie kilometer tot de B&B af te malen. daarvoor moeten we over de grens met Frankrijk tot in Hergnies. De ontvangst is met open armen. Deze B&B kenmerkt zich door de immense ruimte die je tot jouw beschikking krijgt: ruime keuken met gevulde koelkast, living met TV, meerdere kamers, veilige stalling voor de fietsen, ... Ik kies voor de kamer 'Ici je suis ailleurs' met elektrisch bediende rolluiken en een moderne badkamer. Michel kiest voor 'Design(ez) moi' die minstens de evenknie is. Het bier in de koelkast vindt zeer snel de juiste bestemming.

Geproefde bieren vandaag:


  • Geen trappisten vandaag